Nederlands - Nederland
inZaken  »  Hongarije  »  Archief
 

Szikszó ziet de kansen van het Oosten

 based on 2 votes. You need to be logged in to rate an article.

Gepubliceerd door: Michel Daenen Gepubliceerd op: Monday 13 October 2008, 13:52

Eind mei van dit jaar zei DAF Trucks dat het bedrijf overweegt om in Midden- en Oost-Europa eigen fabrieken op te zetten. DAF ziet zijn verkopen in landen als Polen, Roemenië, Tsjechië, Rusland, Turkije en ook Hongarije sterk groeien. Het bedrijf is inmiddels de snelst groeiende vrachtwagenproducent in Europa. Met het oog op logistiek heeft Hongarije door zijn gunstige geografische ligging veel te bieden.


Er is en wordt nog steeds flink geïnvesteerd in het wegennet van Hongarije. Met name in het Oosten van het land worden daardoor snelle wegtransportverbindingen mogelijk, zowel Oost-West als Noord-Zuid. Waarschijnlijk is het dan ook geen toeval dat Józef Füzesséri als burgemeester van Szikszo -een stadje van ruim 6000 inwoners vlakbij Miskolc in het Noord Oosten van Hongarije - en tevens voorzitter van de Micro-Regionale Multifunctionele Associatie van Szikszó terrein in de regio wil ontwikkelen als industriegebied. Met hulp van het ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties werkt hij ook in bredere zin aan de verdere economische ontwikkeling van de Regio. Jozef Füzesséri maakt graag van de gelegenheid gebruik om samen met Márta Márczis, National officer voor lokale en regionale ontwikkeling van het UNDP (United Nations Development Programme) over de potentie van de regio te praten. Later schuiven ook twee collega's Richard Kobra, programma manager en Balázs Dernei, lokaal manager van het UNDP aan.


"Szikzsó kent een lange geschiedenis", zo begint Füzesséri. "Door de eeuwen heen is het altijd een belangrijke stad geweest op de nood- zuid handelsroute (vanuit Polen en Slowakije richting zuiden). Toen in 1920 als gevolg van het verdrag van Trianon de grenzen dicht gingen, heeft dat een negatieve invloed gehad op de regio. Vanaf toen werd het een periferie van Hongarije, ver weg van de activiteiten. Dit heeft een flinke wissel getrokken op de regio, zowel economisch als sociaal. Hoewel het een periferie was, was er toch ten tijde van het communisme voldoende werkgelegenheid. Met de omwenteling viel de markt in het oosten echter weg en werden de mijnen en de zware industrie gesloten. De overgang naar het kapitalisme heeft de regio een zware klap gegeven. "Aanvankelijk waren er een aantal fondsen om aan de wederopbouw te werken,maar met de toetreding tot de EU zijn vele subsidiekranen dichtgedraaid", geeft Márta Márczis aan. Dat in deze regio echter nog steeds hulp nodig is, daarvan zijn Márczis, Kobra en Dernei overtuigd. "Gelukkig hebben de EU en UNDP de Noord Oost regio ook als arme regio bestempeld, wat betekent dat er nog steeds mogelijkheden zijn". Márczis "We hebben hier te maken met gebiedsgebonden armoede en daarnaast vormen de Roma een apart vraagstuk." Overigens is volgens Márczis de Roma situatie in deze omgeving anders dan in Roemenie. Ook in Noord Oost Hongarije hoort de Romabevolking tot de armste van de samenleving en heerst er grote werkeloosheid onder deze groep, maar in tegenstelling tot de situatie in Roemenië hadden de Roma in Noord Oost Hongarije wel werk voor de omwenteling.

 

De oudere Roma zijn dus bekend zijn met het gangbare arbeidsethos. "Armoede gaat overigens niet alleen over geld", vervolgt Márczis, maar ook over sociale armoede (het ontbreken van sociale contacten en uitsluiting van netwerken) en ongeschooldheid." Márczis: "Onderzoek heeft aangetoond dat er geen onderscheid is wanneer mensen arm zijn. Dan vallen de verschillen weg. Onder een bepaalde armoedegrens lijken mensen erg op elkaar,dan maakt je achtergrond niet meer uit. Dan ontbreekt het hen aan zelfvertrouwen, hebben ze vaak veel kinderen en is er meestal grote bereidheid elkaar te helpen. Het UNDP is geen politiek maar een ontwikkelingsprogramma. Het is niet specifiek gericht op de Roma, maar gericht op de regio. Door de subsidiemogelijkheden is arbeid niet duur en dat geeft de ondernemer een belangrijke voorsprong op zijn concurrenten." Dat brengt ons weer terug bij de mogelijkheden in Szikszó. Füzesséri: "Mensen zien de regio nog steeds als periferie, maar de tijden zijn veranderd. Sinds kort zijn de grenzen weer helemaal open. Dat gaat grote gevolgen hebben voor de handel en logistiek. Wij spelen daar op in. We hebben aan de rand van de bebouwde kom een terrein geselecteerd dat we voor een aantrekkelijke prijs aanbieden (circa 10 euro per vierkante meter). Het totale terrein beslaat ruim 340 hectaren. Dat is meteen het grootste beschikbare industriegebied van Hongarije", voegt hij er trots aan toe.

 

"Om optimaal tegemoet te kunnen komen aan de klant hebben we de infrastructuur tot aan het terrein gelegd en binnen het terrein doen we het op verzoek. De bedrijven mogen dan precies aangeven waar ze alles willen hebben: van aanvoerroute en rioolleidingen, tot elektra-aansluitpunten en afvalverwerking. Maar natuurlijk is het zo dat de eerste die in de gelegenheid is te bepalen, ook het meeste kan bepalen van allemaal", voegt hij er aan toe. De gesprekken met de eerste geïnteresseerde bedrijven zijn in een vergevorderd stadium. Het zijn petrochemische en automobiel bedrijven uit Japan en Amerika. Als die er eenmaal zitten, is het natuurlijk ook interessant voor hun leveranciers en afnemers. Maar ook andersoortige bedrijven zijn van harte welkom.

 

Naast het aantrekkelijke van de locatie geeft Füzesséri ook de andere voordelen aan om in de regio te investeren: "de grondprijs is hier erg laag (een derde van de prijs die je elders betaalt). Daarnaast is er een rijke aanwezigheid van vele hulpbronnen. Het is een niet vervuild gebied en de arbeid die je hier vindt is ronduit goedkoop. Om een voorbeeld te geven: loonkosten voor een medewerker zijn 500 tot 600 euro per maand inclusief belastingen. Daar komt bij dat bij het aannemen van werklozen de overheid het eerste jaar het salaris betaalt. Als je investeert in het human capital hier, zijn daar subsidies voor beschikbaar. Zo kan een ondernemer per op te leiden medewerker een bijdrage tegemoet zien van 1100 euro." Wanneer we Füzesséri ermee confronteren dat zware industrie toch behoorlijk belastend kan zijn voor het milieu, geeft hij aan alles volledig in overeenstemming met de regelgeving te willen doen en dus ook ter compensatie van de industrie °nieuwe bomen aan te laten planten. Dat de ambities van de burgemeester met zijn industriegebied en de UNDP met de ontwikkelingsprogramma's goed samengaan blijkt als we spreken over de neveneffecten van een bloeiend industriegebied: veel scholing en werkgelegenheid.

 

Potentiële investeerders kunnen dan ook rekenen op een gastvrij onthaal. Füzesséri: "Als men belangstelling heeft kan men altijd vrijblijvend eens langskomen en dan bespreken we de mogelijkheden. Dat we daar een gezelliguitstapje van maken voor onze gasten spreekt natuurlijk vanzelf". En tot slot:" "We zouden het overigens heel leuk vinden als Nederlandse investeerders zich bij ons vestigen. We hebben namelijk tot nu toe enkel heel goede ervaringen met Nederlanders. Zo hebben we warme banden met Nederlanders via de kerk. Zij hebben ons financieel geholpen hebben met de renovatie van het dak van onze kerk. Binnenkort komt er een koor van 56
Nederlanders in zingen", voegt hij er trots aan toe.

 

 

Tekst en foto: © Karin Gabor & Michel Daenen 2008
info@make-it-happen.nl

 

Eerder gepubliceerd in HongarijeinZaken editie 12. Bestellen?

 

 

 based on 2 votes. You need to be logged in to rate an article.

reacties

plaats een bericht

u moet ingelogd zijn om te kunnen reageren

  • Facebook
  • LinkedIn
  • Twitter