De trots van Hongarije
De trots van de voormalige koninklijke hoofdstad van Hongarije ligt op een heuvel in Boedapest: De Burcht van Boeda. Het Koninklijk paleis neemt het zuidelijk gedeelte van de burchtheuvel in beslag. In de loop van de geschiedenis is deze burcht twee keer verwoest geweest. Tijdens de tweede wereldoorlog brandde het zelfs in z'n geheel uit. Na de restauratiewerden hier musea en de Nationale Bibliotheek gevestigd.
Het burchtkwartier is één van de meest romantische plekken in Boedapest. De kronkelende straatjes en de smalle gebouwen stammen uit de middeleeuwen, de elegante paleizen in barokke- en pruikenstijl zijn uit de tijd van de wederopbouw na de Turkse overheersing.Hier bevindt zich ook het "Huis van de Hongaarse wijnen", schuin tegenover het Hilton hotel. Dit gehele complex met zijn machtige koninklijke paleis, zijn smalle straatjes, oude huizen enprachtige kerk staat als beschermd gebied op de monumentenlijst van de UNESCO. Een belevenis: wandelen door de kleine straatjes, binnenkijken in de schaduwrijke binnenplaatsen, rondlopen in de gotische Matthiaskerk of in het onderaardse labyrint. Winkelen in de kleine souvenirwinkeltjes, koffie drinken met een stuk taart of de fantastische collectie van schilderijen, beeldhouwwerken in de machtige museumzalen in het voormalige Koninklijke Paleis bezichtigen. Vanaf de Burchtheuvel zie je de blauwe Donau door de stad slingeren. Van de bruggen die beide stadsdelen verbinden, is de oude Széchenyi Kettingbrug, gebouwd in 1849, de meest indrukwekkende.Op de Burchtheuvel ligt het Budavári Palota, het koninklijk paleis, waarin zich een aantal musea heeft gevestigd, zoals het historisch museum en de nationale galerie. Midden in Boeda ligt een steile rots, de Gellért heuvel, met een prachtig uitzicht over de stad.Naast 18e en 19e eeuwse gebouwen in de oude stad kun je ook een wandeling maken op de vestingwallen.
Pest
Aan de overkant van de rivier, in Pest, kun je ook het oude stadsdeel bezoeken, met veel 19e eeuwse woningen. Hier staan mooie kerken, zoals de Sint Stefanus Basiliek, de grootste kerk van Boedapest, die in 1905 werd voltooid. In dit stadsdeel zijn ook de markthallen gevestigd,die begin 1900 zijn gebouwd. Eén van de mooiste musea is het nationaal museum. Andere bezienswaardigheden zijn het gezellige Vörörosmartyplein, het parlementsgebouw en het volkenkundig museum.
Het Heldenplein
Op het Heldenplein heeft Koningin Beatrix een krans gelegd bij het graf van de onbekende soldaat. Twee militairen houden daar steeds de wacht en het lijkt, alsof ze een soort balletopleiding gevolgd hebben. De bewegingen die zij maken om evende benen te strekken, zijn adembenemend gelijk. Het plein is zo groot dat in de communistische tijd soms meer dan een half miljoen mensen hier bijeen kwamen om verplicht hun steun te betuigen aan een of andere communistische leider. In de buurt is ook een wel erg brede straat, waar steeds de parades werden gehouden en daar moest je destijds als burger van Boedapest ook voor komen opdraven. Nu hebben bussen vol toeristen uit heel Europa hier een riante parkeerplaats.
Achter het Heldenplein is een groot park, waar je heerlijk kunt wandelen. Er is ook een kasteelachtig bouwsel waarin alle Hongaarse bouwstijlen zijn verenigd. Het ziet er daardoornogal rommelig uit. Een replica van een kerkje uit de 13e eeuw dat nog steeds ergens in het land staat, is de moeite waard om even te bekijken.
Bezienswaardigheden
Zoals eerder besproken heeft Boedapest maar liefst 160 koffiehuizen, waarbij 'New York' (genoemd naar een Amerikaanse verzekeringsmaatschappij die eerst in het pand zat) een van de oudste is. Aan de buitenkant wordt de zaak nu opgeknapt, maar binnen hangt de sfeer als van de koffiehuizen in Wenen. De plafonds met veel bladgoud zijn prachtig beschilderd, depilaren zijn mooi gedraaid, de kroonluchters overweldigend en de koffie is van de allerbeste kwaliteit.
Wie de Hongaarse hoofdstad bezoekt, moet beslist de kathedraal in het stadsdeel Pest bezoeken. De koepel is maar liefst 96 meter hoog en zeker vijftig verschillende soortenmarmer zijn in de kerk verwerkt. In een aparte kapel is de vuist van de rechterhand van koning Stephan te zien, die op 15 augustus 1038 overleed. Hij werd later heilig verklaarden zijn vuist wordt als relikwie elk jaar op 20 augustus in een processie meegedragen. In het kapelletje is het nogal donker en het gemummificeerde lichaamsdeel van de koning is helaas nauwelijks te zien. Maar als je een paar muntjes in een automaat gooit, gaat er gelukkig een lampje branden waardoor je alles wat beter kunt bekijken. Zo is deze kerk jammer genoeg op de commerciële toer gegaan.
Thermaal baden
In Boedapest zijn meer dan 100 thermaal bronnen, die meer dan 50 baden van warm water voorzien. Het waren de Romeinen die de eerste badhuizen bouwden in Boedapest. Op het Florián plein kunt u nu nog de plek zien waar een Romeins militair bad gebouwd was. Maargedurende de 150 jaar lange bezetting door Turkije, 400 jaar gelden, kwam de badcultuur echt tot bloei. Drie badhuizen uit die tijd zijn tot op de dag van vandaag in gebruik: Császár, Király en Rudas. De bronnen welke het eerste bad vullen waren al bekend bij de Romeinen. Een ander historisch bad, Rác, is ook nog steeds in gebruik en werd 100 jaar voordat de Turken binnenvielen gebouwd. Het was het Koninklijke bad van Koning Mátyás. De Turken hebben hier hun stempel achtergelaten door een achthoekige hal te bouwen aan dit bad waardoorRác een exotische atmosfeer heeft.
De mooiste baden van Boedapest werden echter gebouwd tijdens de gouden tijden tijdens het einde van de 19e en begin van de 20e eeuw. Lukács was het eerste grote badcomplex welke dichters, schrijvers en componisten aantrok zoals Zoltán Kodály.
Het Szechenyi-bad ziet er aan de buitenkant als een paleis uit, maar ook het badhuis Gellert is erg mooi. Rondom het bad staan marmeren zuilen en via gebeeldhouwde leeuwenwordt vers water aangevoerd. De gekleurde ruitjes in het plafond hebben Jugendstil-motieven en de vloeren zijn opgebouwd met mozaïek- steentjes. Het bronwater komt met een temperatuur van 36 graden Celsius uit een berg naast het bad. Zieke Hongaren komen hier omweer gezond te worden en wie gezond is, komt regelmatig om gezond te blijven.
De Hungaroring
De Hungaroring, even ten oosten van Boedapest, is het meest bekritiseerde circuit van de laatste jaren, maar het heeft ook enkele van de mooiste races laten zien. De pitboxen worden na afloop nogal eens door overenthousiaste fans bestormd, wat uiterst gevaarlijke situaties op kan leveren. Het circuit is er één van veel bochten, met twee rechte stukken. Goed kwalificeren is hier belangrijk want inhalen is hier een ramp. Door het hobbelige en vooral stoffige oppervlak eindigt een inhaalactie al snel met een spin in het grind. Veel coureurs hebben daarom ronduit een hekel aan deze baan.
Subscribe



reacties
plaats een bericht
u moet ingelogd zijn om te kunnen reageren
Login - Registratie